Ik kan wel kijken maar wat zie ik deel III Geschreven door Douwe 5 oktober 2021 (laatst bijgewerkt op 14 augustus 2025) 0 Prikkels Overzicht in scherven In het verlengde daarvan is er nog iets anders aan de hand. Ik stipte het daarnet al aan: ik neem waar in scherven en ik kan het geheel maar moeilijk overzien. Mijn toch al overbelaste hersens krijgen er daarmee nog een taak bij. Die overdaad aan scherven moeten ze op de eerste plaats zodanig aan elkaar vastlijmen dat er een vorm ontstaat die een betekenis in zich bergt, zichtbaar is. Doorgaans is dat al lastig genoeg. Vaak blijven er een boel onverwerkte restscherven over en dat kan twee betekenissen hebben. Ten eerste kan het zo zijn dat bij het overzien van het grotere geheel een deel van de precisie verloren gaat. Daar ondervind ik niet zoveel hinder van. Een stuk storender wordt het als het geziene geheel onjuist blijkt te zijn. In dat geval moet mijn brein de lijm losweken en kan het van voren af aan beginnen. Ik zal hoe dan ook aan de slag moeten met die onverwerkte restscherven al is het maar om uit te sluiten dat het geziene geheel onjuist is. Het geziene geheel dat onjuist is. Is dat wat er misgaat in de velden tussen Lutkewierum en Rien? Ik kijk naar de schoenen die naar links hellen, ik kijk naar de bocht, ik kijk naar het reliëf in het fietspad, naar een wolk die in de verte voorbijtrekt, mijn eigen gedachten. Per ongeluk maakt mijn brein het verkeerde zichtbaar, geeft het betekenis aan andere waarnemingen dan die, die voor het op veilige wijze bereiken van mijn eindbestemming noodzakelijk zijn. Zodoende is de bocht betekenisloos en fiets ik de sloot in. Zien is het toekennen van betekenis aan het bekekene, het bekekene begrijpen. Onrustig geestesoog En is dat ook wat er misgaat met de boodschappentas met het oud papier die nog steeds links naast de voordeur staat, nu al meer dan een week? Mijn oog draagt veel informatie aan, meer dan mijn geestesoog kan verwerken – een schroefje in het slot dat niet goed vastzit, een lamp die de portiek belicht, het rode knopje om de lift te roepen. Het oog wordt niet verzadigd met zien, zo luidt Prediker 1, vers 8 in de Statenvertaling uit 1637; ik haalde het in het eerste deel van dit drieluik al aan in het kader van het ongeluk tussen Lutkewierum en Rien. In de Nieuwe Bijbelvertaling, uit 2004, staat het iets anders: De ogen van de mens kijken, en vinden geen rust. Dit is niet de plaats om na te gaan welke vertaling de Hebreeuwse brontekst het dichtste nadert, maar feit is dat de nieuwe vertaling beter aansluit bij wat er in mijn hoofd gebeurt. Mijn oog kijkt, en vindt geen rust. Mijn geestesoog evenmin. En een onrustig geestesoog kan niet goed zien. Fragmentarisch waarnemen Stukje bij beetje begint die grote grijze vlek, het antwoord op de vraag waarom ik het oud papier niet weg kan brengen, kleur te krijgen. Die hele stoet aan bijzaken die mijn geestesoog passeert – het reliëf in het fietspad, een schroefje dat niet helemaal vastzit, mijn eigen gedachten – maakt het lastig mij op de hoofdzaak te blijven concentreren. Mijn geestesoog die druk bezig is om al die scherven tot een logisch geheel te lijmen, wordt gestoord door nieuwe waarnemingen en per abuis laat hij zijn werk uit handen vallen. En dan is er nog de context. Een verandering van de context leidt hoe dan ook tot een andere betekenis of het verlies daarvan. Om maar een voorbeeld te noemen: een boodschappentas met oud papier rechts naast de voordeur draagt de opdracht in zich hem weg te brengen; een boodschappentas met oud papier links naast de voordeur is betekenisloos. Het is dat fragmentarische waarnemen van buiten- en binnenwereld die maakt dat mijn geestesoog fouten maakt, rusteloos is, mijn zien vertroebeld is. Het begint onderhand een wonder te worden dat ik het oud papier vaak zo spoedig wegbreng. Is het dan nu eindelijk tijd om het oud papier weg te brengen? Misschien. Ik heb mijn hoofd in ieder geval leeg genoeg geschreven.
30 augustus 2022 Douwe Het wuifgedrag van helmgras De vierjarige Douwe gaat naar het strand. Al die drukte, wat is daar leuk aan? In de duinen doet hij een belangrijke ontdekking. Lees verder
24 augustus 2021 Douwe Ik kan wel kijken maar wat zie ik deel I Douwe schrijft over de aanleiding voor dit drieluik, een boodschappentas met oud papier die hij niet wegbrengt, en over zijn fietsongeluk tussen Lutkewierum en Rien. Lees verder